Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Voor elkaar in Kerkrade


Samenwerken en kennis uitwisselen, daar draait het volgens de gemeente Kerkrade om. Landelijk wordt Kerkrade beschouwd als een van de gemeenten die voorop lopen in de transitie van de ouderenzorg.

Waarom doet Kerkrade mee?
De gemeente Kerkrade is een van de sterkst vergrijzende gemeenten in Nederland. Het stadsbestuur heeft dat al vroeg onderkend en anticipeert al sinds 2006 actief op de vergrijzing en ontgroening van de samenleving. In het Wmo-model dat de gemeente met verschillende samenwerkingspartner ontwikkelde, wordt het belang van samenwerking al benadrukt. Bovendien worden burgers serieus genomen en op hun eigen kracht en verantwoordelijkheden aangesproken. Volgens de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) geldt het Wmo-model van Kerkrade inmiddels als landelijk voorbeeld van een gekantelde gemeente*. De aansluiting bij Voor Elkaar in Parkstad (VEiP)/[samen voor elkaar] lag dan ook voor de hand.

 

Het doel

Kerkrade anticipeert al langere tijd op de vergrijzing en ontgroening van de samenleving. De kennis die daarbij wordt opgedaan, wil de gemeente graag met andere gemeenten delen. Daarnaast wil Kerkrade graag weten hoe de andere gemeenten in Parkstad inspelen op de maatschappelijke veranderingen. Het uitwisselen van kennis binnen VEiP is essentieel, vindt Kerkrade.
Daarnaast wil de gemeente met zoveel mogelijk partijen samenwerken, inclusief de burger zelf. Binnen VEiP kan de samenwerking met andere partijen worden versterkt, zo oordeelt Kerkrade.

 

De ontwikkelingen

Kerkrade heeft bij de uitvoering van de Wet maatschappelijke opvang (Wmo) bewust gekozen voor schaalverkleining: in het handelen van de gemeente geldt de wijk als uitgangspunt. Daarbij verplaatst de gemeente zich constant in de gedachten van de wijkbewoner: wat wil die burger zelf en begrijpt die burger wat de gemeente doet? De burger moet dus echt centraal worden gesteld.
Om dat te bevorderen, werden vier kernpunten benoemd:

    De sociale wijkteams. Deze teams zijn in alle wijken actief. Zij signaleren niet alleen problemen, maar proberen die ook samen met burgers op te lossen. Een wijkteam bestaat onder andere uit de ouderenadviseur, de consulent Wmo, de buurt- en opbouwwerker, de vrijwilligerscoördinator en een medewerker van de MeanderGroep Zuid-Limburg. De coördinatie is in handen van de wijkmanager van de gemeente.
    Burgerparticipatie, waarbij co-creatie als uitgangspunt geldt: plannen worden waar mogelijk bedacht en uitgewerkt in samenwerking met de burger. Zo werd het aanvraagformulier voor Wmo-voorzieningen in overleg met burgers vereenvoudigd en aangepast.
    Een goede en heldere communicatie van de Wmo. Daartoe werd Vrauw Hoeppertz geïntroduceerd: het archetype van een 83-jarige Kerkraadse die de gemeente slechts kent van paspoort en rijbewijs. Een vrouw bovendien die haar zorgvraag niet goed onder woorden kan brengen en die evenmin weet waar ze die zorgvraag kan neerleggen. Vanuit dat idee werden onder andere Wmo-bijeenkomsten georganiseerd, waarin de Wmo op een begrijpelijke manier werd toegelicht. Dat gebeurt ook in het jaarlijkse Wmo-journaal, een krant die elk jaar een ander thema belicht. Uitgangspunt is steeds: wat zou Vrauw Hoeppertz zelf willen (weten) en hoe informeren we haar op een toegankelijke manier.
    Activiteiten. De betrokkenheid van burgers bij de Wmo resulteert in tal van nieuwe activiteiten die ook passen in het gedachtengoed van [samen voor elkaar]. Enkele sprekende voorbeelden:

- Het thema eenzaamheid kwam in veel gesprekken bovendrijven. Dat leidde in 2013 tot de activiteit Roda JC Old Stars, waarbij liefst duizend 70- en 80- plussers een wedstrijd van Roda bezochten. De nadruk lag daarbij niet op eenzaamheid, maar op het samenzijn en het (beter) leren kennen van andere mensen.
- De gratis scootmobiel-lessen in de eigen wijk. Een idee dat werd geboren toen bleek dat veel geleende scootmobiels maar weinig gebruikt worden.
- Het risico van vallen en de voor ouderen vaak ernstige gevolgen, leidde tot een project voor valpreventie. Sinds 1 januari 2014 vergoedt CZ de kosten hiervan.

 

Pilotproject: alle activiteiten in Kerkrade

Binnen het transitietraject Voor Elkaar in Parkstad werden vier pilotgemeenten aangewezen: Kerkrade, Heerlen, Brunssum en Onderbanken. Het idee is dat zij specifieke projecten opzetten, waarbij voor elke gemeente een ander thema geldt. Het is de bedoeling om de kennis die binnen deze projecten worden opgedaan, met elkaar uit te wisselen.
Kerkrade heeft uiteindelijk besloten om niet te focussen op één project in één stadsdeel. De reden is dat de gemeente al eerder voor een nieuwe werkwijze koos en liever alle activiteiten samen als een pilot beschouwt. Het thema defragmentatie speelt daarin wel vaak een rol, waarbij de gemeente vooral inzet op het ontschotten van financieringsstromen. De plannen daartoe zijn vastgelegd in het document Samen Leven, dat is ingediend bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

 

Samen Leven

In het document Samen Leven** schetsen de gemeente Kerkrade en de samenwerkingspartners (Wmo-platform Kerkrade, MeanderGroep Zuid-Limburg en Impuls welzijn) welke vervolgstappen zij willen zetten. Uitgangspunt vormt het idee dat het geld dat de gemeente uitspaart door de verschillende activiteiten, ten minste voor een deel weer terugvloeit in de kas van de gemeente. Met dat geld kan het Wmo-model verder ontwikkeld en verbeterd worden, zodanig dat de burger echt gehoord wordt en diens vraag centraal staat.

In bijgaande documenten kunt u meer lezen over het Wmo-model en de plannen:
*Het Kerkraads Wmo model, voorbeeld van een gekantelde gemeente, publicatie VNG.
**Samen Leven, document gemeente Kerkrade en samenwerkingspartners.

 

     
Kerkraads WMO Model     Vernieuwde werkwijze Kerkrade “Samen leven”